LANGS BERG EN DAL

Bergen zijn voor mij (Hollandse plattelander) altijd fascinerend. Een paar jaar terug was ik op vakantie in Zuid-Duitsland. Het vakantiehuis waar we verbleven stond op 900 meter hoogte. Vanaf het balkon kon de blik ongehinderd kilometers ver naar het zuidoosten uitkijken. En dan bedoel ik niet zomaar een paar kilometers, maar dan hebben we het over 50, 60, wie weet wel 70 kilometer (of meer).

berg en dal 1

Althans, als het helder weer was. Soms klommen wolken uit het dal omhoog en slokten alle vergezicht op. Dan resteerde op den duur alleen maar een nabije bomenrij en was verder alles gehuld in een grijs waas.

berg en dal 2

Soms lieten de bergen in de verte zich wel zien, maar dan als één paarsblauwe contour, die ineens, bij veranderende belichting, een ongekende gelaagdheid bleek te bezitten, alsof ze uit decorstuk achter decorstuk (en zo verder) bestond. In de bergen zelf, ver van autowegen, parkeer- en pleisterplaatsen, treft mij vooral de stilte en majestueusiteit die ik van geen enkel ander landschap ken.
De zee kan wijds en oneindig lijken, indrukwekkend bij flinke storm, maar mist de verstilde ruigheid die het hooggebergte heeft. De polder en de weilanden in Holland kunnen ruimte ademen (of iets wat daar voor door moet gaan – er klink altijd wel een spoor- of autoweg op de achtergrond).
Maar nergens voel je je zo nietig als op een steile berg.
Daar ben je gewoon niets.
Daar past slechts nederigheid.

In die zin is het opmerkelijk dat Caspar David Friedrich, de grote landschapschilder uit de Romantiek, de mens afbeeldt als dominerend middelpunt in het berglandschap. Aan de ene kant lijkt hij daarmee een bijzondere positie aan de mens toe te kennen, alsof hij wil zeggen dat wij de kroon van de schepping zijn en als zodanig boven de natuur staan. Maar aan de andere kant kijkt die wandelaar wel in een soort niets; das Nebelmeer.

Daarin schuilt een aardige paradox die misschien wel kenmerkend is voor de Romantiek.

Caspar_David_Friedrich_032_(The_wanderer_above_the_sea_of_fog)

Caspar David Friedrich (1774 – 1840)
Der Wanderer über dem Nebelmeer (1818)
Olieverf op doek (98 x 74 cm)
Kunsthalle, Hamburg

In museum Boymans Van Beuningen was jaren terug werk van een andere bergschilder te zien: de Zwitser Ferdinand Hodler (hij kwam eerder deze maand al langs als schilder van het schilderij van de maand).
Zijn bergen zijn ook stil en indrukwekkend. Maar tegelijk ogen ze bijna vriendelijk. Ze liggen er in ieder geval vredig en warmpjes bij. Dat komt natuurlijk door de kleur. Maar speelt het ook een rol dat in Hodlers weergave – hoewel niet puur realistisch – toch vooral een min of meer schilderkunstig onderzoek lijkt te zijn naar de mogelijkheden van kleur, ruimte en vorm?
De mens speelt in deze wereld geen rol en de bergen blijven op veilige afstand. Het is ook alsof de zon er iedere dag volop schijnt. Hodlers bergen zijn niet echt pittoresk, maar laten zich wel van hun beste kant zien.
Hier kijkt de passant niet in het niets van een Nebelmeer.

Hodler 1

Ferdinand Hodler (1853 – 1918)
Blick auf das Horn von Fromberg aus Reichenbach (1903)
Olieverf op doek (49 x 66.5 cm)

Hodler 2

Ferdinand Hodler (1853 – 1918)
Die Dents du Midi von Chesières aus (1912)
Olieverf op doek (65.5 x 88.5 cm)
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in beeldende kunst, landschap, psychologie, ruimte en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s