POLITIEKE BEELDTAAL

Iedere cultuur heeft een mensbeeld. Dat zien we terug in een beeldtaal die kenmerkend is voor die cultuur. Wanneer een cultuur bovendien gedomineerd wordt door een ideologie, dan zal die beeldtaal ideologisch getint zijn.


De historicus Richard Overy legt in zijn boek Dictators – Hitlers Duitsland. Stalins Rusland (De Bezige Bij, 2005) in het hoofdstuk De opbouw van Utopia het verband tussen de architectuur van beide systemen en de achterliggende ideologie. Zowel Stalin als Hitler wilden hun respectievelijke hoofdsteden herscheppen met spectaculaire gebouwen die door hun monumentale schaal en symbolische betekenis alle steden uit de oudheid én die van de eigen tijd naar de kroon zouden steken.

Beide dictators wilden uiteraard imponeren en intimideren. Bovendien camoufleerde het de achter de utopische fantasie liggende sociale realiteit die in Rusland bestond uit een ‘janboel van slecht geplande projecten en revolutiebouw’ en in Duitsland uit een allengs misdadiger systeem dat iedereen die als biologisch bezoedeld werd beschouwd uit de weg wilde ruimen. In de Stalinistische suikertaartarchitectuur en de neo-neo-neo-classicistische natte dromen van Hitler en Speer kwam het ideologische beeld tot uiting.

 

Het utopische mensbeeld van beide systemen kwam overduidelijk naar voren tijdens de Wereldtentoonstelling van 1937 in Parijs. Rusland plaatste een gigantische, 24 meter hoge sculptuur van de expressionistische kunstenares Vera Moechina, Rabotsji i kolchoznitsa (arbeider en boerin). Zij vertegenwoordigen de nieuwe man en vrouw. In de woorden van Overy: ‘Vastberaden blikken ze vooruit, met een intense en vurige uitdrukking op hun gezicht. Het is een beeld van communistische helden van de arbeid in opmars.’

 

statue_39-02_big


Om een idee van de schaal en de voorwaartse beweging te krijgen voldoet onderstaande foto.

 

statue_39-02_big 3

Tegenover het Russische paviljoen staat het Duitse:

Kameradschaft 2

Op het Duitse paviljoen hield de vergulde adelaar de boel scherp in de gaten en voor het gebouw stonden twee monumentale beelden met mannelijke, krijgshaftige en opvallend lichamelijk figuren. Eén groep daarvan was Kameradschaft van Joseph Thorak.

Kameradschaft

Overy hierover: ‘Twee enorme, naakte mannenfiguren, idealen van de zogenaamde “arische” man met zwellende spieren en scherpe gelaatstrekken staan onverzettelijk zij aan zij; de een houdt de ander bij de hand, daarmee de unieke kameraadschappelijke band tot uitdrukking brengend tussen twee broeders van één ras die tegelijkertijd strijdmakkers zijn. Hun gelaat vertoont een grimmige, onverbiddelijke en trotse uitdrukking; hier is geen sprake van voorwaartse beweging, slechts de onverzoenlijke wil tot verdediging. Een vrouwelijke kameraad komt er niet aan te pas, er heerst hier louter een krachtige, homo-erotische band.’ 

Hoe fundamenteel anders is de beeldtaal die in het Spaanse paviljoen – op dat moment verscheurd door een burgeroorlog – te zien is. Hier geen valse heroïek, bombarie, homo-erotische strijdvaardigheid of arbeid in opmars.

Integendeel, Picasso stelde hier zijn Guernica over de verschrikkingen van de oorlog ten toon.

In dat licht lijkt de wereldtentoonstelling een akelige voorbode van dingen die zouden komen…

 

Untitled

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in beeldende kunst, boekbespreking, lichaamstaal en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s