AUTOKLEUR EN PERSOONLIJKHEID

Ik dacht dat ik na mijn vorige twee blogs over autokleuren wel klaar zou zijn met het onderwerp. Maar prompt verscheen er in het AD van 6 april een stukje waaruit bleek dat bezitters van een zwarte auto meer premie betalen voor hun verzekering: ‘Zwarte auto’s lopen een groter risico op schade of diefstal, luidt de verklaring van een aantal verzekeraars. De Consumentenbond vindt dit raar.’
Blijkbaar waren vroeger rode wagens duurder te verzekeren, vanuit de gedachte dat bestuurders hiervan roekeloos, impulsief en extravert zijn. En dus eerder bij ongevallen betrokken zouden raken. Nu zijn zwarte wagens de klos.

Autokleur en persoonlijkheid?
Dat roept natuurlijk een interessante vraag op: Bestaat er verband tussen de kleur van een auto en de persoonlijkheid van de bestuurder? Volgens Graham Davies, psycholoog aan de Cambridge University, berust dit idee vooral op associaties van andere weggebruikers. Blijkbaar zijn we geneigd om autokeuze en in het bijzonder de kleur daarvan te beschouwen als een onbewuste weerspiegeling van iemands persoonlijkheid.
Volgens dit soort lekenpsychologie zijn bestuurders van grijze auto’s rustige rijders die conflicten uit de weg gaan, terwijl een zwarte wagen discipline en agressie verraadt. Donkerblauw staat voor het streven naar onafhankelijkheid en verantwoordelijkheidsbesef. Veiligheid staat voorop. Wie een groene auto heeft is meestal een behoedzaam type. Geel duidt op een actieve, genereuze persoonlijkheid en wit op mensen die graag een bepaalde status willen hebben.

Zie hier ook een illustratie van de veronderstelde samenhang tussen persoonlijkheid en autokleur:

what-does-the-colour-of-your-car-say-abo

Astrologie of persoonlijkheidsonderzoek?
Hoe interessant ook, het lijkt toch meer op astrologie dan serieus persoonlijkheidsonderzoek. Zeker voor wie een ‘tweedehandsje’ koopt zal kleur geen topprioriteit hebben; het is vaak maar net wat er voorhanden is.

Maar goed, onderzoekers van de Australische Monash University hebben toch geprobeerd te achterhalen of er inderdaad een verband bestond tussen autokleur en ongevalsrisico. Zij namen politiegegevens onder de loep en kwamen tot de conclusie dat donkere kleuren het gevaarlijkst zijn, gevolgd door rood. Zwarte wagens hebben 12 procent meer kans op een ongeval dan witte wagens. Bij schemering loopt dit percentage zelfs op tot 47 procent!

Hierbij ging het echter niet om de persoonlijkheid van de bestuurder in relatie tot de kleur van diens auto, maar het verband tussen autokleur en ongevalsrisico. De verklaring heeft te maken met factoren als de zichtbaarheid van de auto. Een donkere wagen valt bij het donker worden nu eenmaal minder op en de kans op een ongeval kan dan inderdaad flink toenemen.

Kegeltjes en staafjes
Dit verklaart overigens nog niet direct de tweede plaats van rood. Juist rood lijkt van verre al opzichtig om aandacht te schreeuwen. Een rode wagen zie je in je achteruitkijkspiegel niet snel over het hoofd (hoewel een gele nog meer opvalt).
Onder sterke belichting – een zonnige dag – is rood niet te missen.

Voor een goed begrip is het belangrijk ongeveer te weten hoe we kleur en licht en donker waarnemen. Dat komt door de lichtgevoelige receptoren op ons netvlies. Deze zijn te onderscheiden in kegeltjes en staafjes. Daarbij zijn kegeltjes gevoelig voor kleur en staafjes voor licht en donker. Die laatsten zijn het meest gevoelig. Zodra de lichtomstandigheden beneden een bepaald niveau komen nemen we geen kleur meer waar, maar nog wel grijstonen en zwart en wit.
Hoe dit alles in zijn werk gaat en welke rol ons visuele brein daarin speelt, voert op deze plaats te ver, maar laten we het erop houden dat overdag de kegeltjes het meeste werk doen. Zij komen voor in drie varianten die gevoelig zijn voor licht van korte golflengte (blauw), middellange golflengte (groengeel) en (u raadt het al) lange golflengte (rood).
Daarbij zijn de ‘rode’ kegeltjes bovendien het sterkst vertegenwoordigd.

Spectrale_gevoeligheid_kegeltjes

Purkinje-effect
Dit verklaart wellicht dat wij rode kleuren overdag het best en langst (als we het hebben over afstand) waarnemen. Neemt de lichtsterkte echter af, dan gaan de groene en blauwe receptoren een grotere rol spelen. Dat komt omdat nu de staafjes op ons netvlies een belangrijkere rol gaan spelen en deze zijn gevoeliger voor licht van kortere golflengten. Blauw en groen dus. Rood heeft juist een lange golflengte en wordt (relatief gezien) sneller donker als de lichtintensiteit afneemt. Ten slotte zal het bijna zwart lijken.
Het verschijnsel van de afnemende intensiteit van rood staat bekend onder de naam Purkinje-effect of Purkinjeverschuiving. Het is genoemd naar de Tsjechische fysioloog Jan Evangelista Purkinje, die het in 1819 ontdekte. Hij deed zijn ontdekking omdat hij vaak in de ochtendschemering in zijn tuin liep te mediteren. Daarbij merkte hij op dat zijn favoriete rode bloemen er op een zonnige middag helder rood uitzagen, maar in de ochtendschemering bijna zwart. Hoe opvallend rood ook mag zijn, de intensiteit neemt zienderogen en veel sneller af dan andere kleuren als de schemering invalt.

purkinje 1 purkinje 2

Conclusie?
Of dit alles een verklaring is waarom zwarte en rode wagens vaker betrokken zijn bij ongevallen? Het zou kunnen, maar aan de andere kant: factoren als alcohol, snelheid en vermoeidheid vergroten het ongevalsrisico natuurlijk veel sterker dan welke kleur of de veronderstelde persoonlijkheidseigenschappen van de bestuurder in relatie tot die kleuren dan ook.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in kleur, onderzoek, persoonlijkheid, psychologie en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s