AUTOKLEUR EN CRISIS

In 2013 bestond 80% van de nieuwe wagens in het Nederlandse wagenpark uit zwarte, grijze of witte auto’s. Op dat moment reden er in Nederland in totaal ongeveer 60% personenwagens rond in die kleuren.In 2015 was dat gestegen tot 62%.
U kunt dit zien in de infographic die ik in mijn vorige blog publiceerde.

Onderstaande fraaie grafiek is afkomstig uit een artikel op Sargasso waarin de auteur Stephan Okhuijsen de verdeling van de kleuren van nieuwe personenauto’s laat zien vanaf 1950 t/m 2013.
Voor de goede orde: het is van belang het totale personenwagenpark op de Nederlandse wegen te onderscheiden van het aantal nieuwe wagens die gedurende een jaar op de weg komen.

Autokleur_1950_2013

Grafiek van Stephan Okhuisen (Sargasso.nl/2013)

Zit er een patroon achter de keuze voor autokleuren?
Volgens een theorie kiezen mensen in tijden van crisis voor zekerheid. Dat werkt natuurlijk behoudzucht in de hand. Wanneer we het over kleuren hebben uit zich dat in een keuze voor zwart, grijs en wit.
Nu even geen rare fratsen…

kleurenkoers_NL 1

Dit wordt bevestigd door onderzoek uit 2009 van AkzoNobel, de grootste verffabrikant ter wereld. Zij ontdekten dat de economische situatie een sterke invloed heeft op keuze en gebruik van kleuren. In tijden van economische recessie kiezen mensen eerder voor neutrale kleuren zoals zwart, wit en grijs. Meer intense tinten genieten de voorkeur als er meer vertrouwen is.

Zien we dit terug in de grafiek van Okhuizen?

Autokleur_1950_2013-2


Halverwege de jaren ’50 (we zitten dan midden in de wederopbouw – soberheid troef) bestaat 60% van de nieuwe personenauto’s uit zwart, grijs of wit. Daarna volgen blauw, groen en rood.
2
Vanaf dat moment zien we dat het aandeel opvallende, intense kleuren steeds verder toeneemt. We bereiken immers de kleurrijke jaren zestig (‘de creativiteit aan de macht!’).
3
Begin jaren zeventig zijn wit, grijs en zwart met iets meer dan 30% in het defensief gedrongen en maken met name geel en rood een opmerkelijke opmars door.
4
Aan deze pret komt echter in 1973 abrupt een eind als de oliecrisis uitbreekt. Vanaf dat moment zien we de invloed van geel en rood eerst pas op de plaats maken en vervolgens afnemen. Vooral grijs maakt dan een opmerkelijke groei door.

Rond 1987 zijn zwart, grijs en wit weer goed voor meer dan 55% van de nieuwe wagens. Begin jaren negentig is er nog sprake van enige recessie, maar in 1994 treedt het eerste paarse kabinet aan en maken we een periode van grote economische groei door.
6
We zien dat prompt weerspiegeld in de verkoop van blauwe, groene en (in mindere mate) rode auto’s. Zelfs de verkoop van paarse wagens beleeft even een hoogtepunt(je). Vanaf 1997 verschijnen de eerste donkere wolken. Het begint in Azië met de valutacrisis, gevolgd door de internetzeepbel. In 2002 zakt de aandelenmarkt nog eens door de hoeven en tijd om te herstellen is er niet, omdat enige tijd later 9/11 de wereld in shock brengt.
7
We zien dit meteen terug in de groei van de verkoop van grijze wagens. Rond 2002 stijgt ook de verkoop van zwarte modellen sterk. Zo er al sprake is van enige economische opleving was dat vanaf 2007 definities gedaan. We kregen hypotheek-, krediet- en bankencrisis. Snel daar achter kwam de eurocrisis en het totale financiële stelsel kraakte in al zijn voegen.
Er was maar weinig nodig of het zou omvallen.
Zover kwam het dan niet, maar wat was het resultaat op de Nederlandse wegen? Afgezien van aanzienlijk minder files, een overwegend zwart, wit, grijs wagenpark…

Psychologie of economie?
De vraag is of die keuze voor conservatieve kleuren een psychologische is.
Weerspiegelt het de gemoedstoestand van de consument, of speelt er nog iets anders? Zou het kunnen dat de keuze voor grijs, zwart en – in mindere mate – wit vooral (of ook) ingegeven wordt door economische motieven?
Traditioneel zijn dit goedkopere standaardkleuren. Voor wie als particulier een nieuwe auto koopt zal het misschien nog niet zoveel uitmaken, maar wat te denken van de leaseauto?
Volgens een brochure van VNA-Lease was in 2012 een op de drie nieuwe personenauto’s in Nederland een lease-auto. Op dat soort aantallen kan een klein prijsverschil al een flinke som maken. Dus als bedrijven in grote getale vooral zwarte, grijze en witte auto’s kopen voor hun leasevloot tikt dat behoorlijk aan. Daarbij komen deze wagens na een bepaalde periode weer in handen van particulieren.
En hoewel deze dan natuurlijk geen rol meer spelen in de cijfers van nieuw gekochte wagens, bepalen ze wel nog steeds het straatbeeld. Zeker als de volgende leasevloot ook weer in dezelfde neutrale kleuren is uitgevoerd.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in kleur, onderzoek, psychologie en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s