IN PERSPECTIEF ZIEN

In mijn vorig blog schreef ik over Paolo Uccello.
Daarin merkte ik op: ‘Hij was schilder en wiskundige tegelijk. En bovendien bezeten door de pas ontdekte wetenschap van het lijnperspectief’. Eigenlijk is dit niet juist: ‘pas ontdekte wetenschap’. Daar had moeten staan ‘pas herontdekte wetenschap’.

De kennis over lijnperspectief bestond al in de Griekse tijd, maar was na de ineenstorting van het Romeinse Rijk verloren gegaan en pas tijdens de vroege renaissance door architecten als Leon Battista Alberti en Filippo Brunelleschi herontdekt. Uccello was één van de eersten die van die kennis gretig gebruik maakte.
Het leverde hem zelfs zijn bijnaam op: ‘gekke Paolo’.

Een mooi voorbeeld waaruit de bezetenheid van Uccello blijkt vinden we in één van de panelen die deel uitmaken van het drieluik waarin hij de slag bij San Romano verbeeldt:

San_Romano_Battle_(Paolo_Uccello,_London)_02Paolo Uccello ((1397 – 1475)
De slag bij San Romano (1438 – 1440)
Tempera op paneel (182 x 320 cm)
National Galery, Londen

En dan vooral het onderste deel:

Uccello - perspectief

Zo ordelijk zullen wapens op een slagveld nooit liggen, maar het geeft aan dat Uccello een soort raster voor ogen stond waarmee hij de diepte wilde weergeven. We zien ook de moeite die hij zich getroost om de gevallen soldaat in perspectief weer te geven:

Uccello - perspectief 2

Helemaal gelukt is het nog niet, omdat de benen en vooral de voeten nogal klein uitvallen ten opzichte van het bovenlijf. Ook ontbreekt de billenpartij.
Het zou nog ongeveer 40 jaar duren voordat Andrea Mantegna (1431 – 1506) dit soort verkortingen met grote overtuiging zou neerzetten:

800px-Mantegna_Andrea_Dead_ChristAndrea Mantegna (1431 – 1506)
Bewening van Christus (1480)
Tempera op doek (68 x 81 cm)
Pinacoteca de Brera, Milaan

Maar goed, dan zijn we al weer een stuk verder in de renaissance.

Intermezzo: Hoe gaat dat eigenlijk in zijn werk, ‘in perspectief zien’?
Van Dale noemt het ‘de kunst om voorwerpen af te beelden op een plat vlak, zoals ze door het oog van de kijker worden waargenomen’. Ik heb jarenlang teken- en schildercursussen gegeven en na een lesje lijnperspectief stonden de gezichten meestal niet echt gelukkig.
Perspectief tekenen is ‘moeilijk’, ‘vervelend’ en ‘onbegrijpelijk’.
Zo vindt men.
Eigenlijk valt dat wel mee.
Vind ik.
Waar gaat het om? Je hebt een horizon (h), een verdwijnpunt (v) (dat kunnen er overigens meer zijn – maar dat is nu niet van belang) en een aantal lijnen die naar het punt v op lijn h lopen.
Dat ziet er zo uit:

chiemsee 1

Deze foto van de Chiemsee in Beieren is gemaakt terwijl ik door de knieën ging en de camera ter hoogte van de reling hield. Dit noemen we de ooghoogte of horizon. Wie goed kijkt ziet dat alle lijnen van de reling (die niet overal even recht is) en de planken van de steiger naar één punt lopen, iets links van het midden, aan de overkant van het meer.

In lijnperspectief krijgen we vervolgens dit:

chiemsee 2

Over het begrip horizon doen veel misverstanden de ronde. Het is namelijk geen vaststaand gegeven. We bepalen het zelf door ons standpunt. Ga je een berg op, dan gaat de horizon vanzelf met je mee. Het bevindt zich namelijk altijd op ooghoogte als je recht voor je kijkt.

Lijnperspectief en samenhang tussen afzonderlijke elementen
Terwijl Mantegna in 1480 al aardig raad wist met het perspectief en de verkortingen die daarbij hoorden, waren er nog steeds tal van schilders die het niet zo nauw namen met het lijnperspectief. Of dat onkunde of onverschilligheid is ten opzichte van de nieuw verworven kennis en kunde, weet ik niet.
Onderstaande voorbeelden dateren van na 1480 en laten zien dat de elementaire kennis wel aanwezig is, maar de samenhang tussen de afzonderlijke elementen lijkt (nog) te ontbreken.

Geboorte van Johannes de Doper 2
Meester van het Johannes-Altaar (werkzaam in Gouda?) 1500 – 1525
De geboorte van Johannes de Doper (1510 – 1520)
Olieverf op paneel (133 x 97 cm)
Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

Laatste avondmaal 2
Jörg Ratgeb (1480 – 1526)
Het laatste avondmaal (1505 – 1510)
Olieverf op paneel (98 x 91 cm)
Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

In het bijzonder bij het onderste paneel zien we dat Ratgeb de muur en de stenen van de binnenruimte netjes in perspectief schildert, evenals de ramen, maar dat het tafelblad gevaarlijk overhelt, terwijl de figuren die rond de tafel zitten nogal verschillen in grootte en hoofdomvang.
Het hellende tafelblad werd waarschijnlijk ingegeven door de behoefte goed te laten zien wat er allemaal geserveerd was (en hoe goed de schilder dat wel niet kon weergeven), terwijl de inconsequente verhoudingen van de figuren te maken heeft met hun belangrijkheid.
Hij blijft daarmee schatplichtig aan de laatgotische stijl uit zijn omgeving, hoewel hij wel kennis heeft gemaakt met het werk van Mantegna in Italië.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in beeldende kunst, diepte en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s